Spookpolitici, een spookbeeld.

In de zomervakantieperiode verschijnen opeens weer berichten over het ‘aanpakken’ van spookpolitici. Voorstellen om gekozenen die niet verschijnen tijdens commissie- en raadsvergaderingen financieel te korten zijn in de maak. Dat moet bij wet worden geregeld.5-3

De spookraadsleden moeten worden aangepakt door wetgeving aldus berichten uit De Kamer. Dat wordt wetgeving tegen spookbeelden.

Waar hebben we het eigenlijk over? Wat is een spookraadslid? Van Dale  geeft (nog ) geen antwoord op die vraag. Wat het niet is, is eenvoudiger te definiëren. Het  is niet een raadslid dat zijn werk niet doet. Het is ook niet een raadslid dat spijbelt. Wat is een spookraadslid dan wel?

Ik definieer het als een raadslid die structureel en/of systematisch vergaderingen niet bijwoont. Vergaderen is nog steeds core-business voor een raadslid. Dus verschijn je niet in de vergaderingen dan wordt je al snel een democratisch ‘spook’.  Let wel er is geen aanwezigheidsplicht bij vergaderingen. Vroeger was via presentiegelden die plicht wel aanwezig. Maar gelet op misbruik van dat systeem zijn de presentiegelden voor vergaderingen etc. al lang afgeschaft en is gekomen tot een vaste vergoeding. Een ander punt is hoe lang die periode van afwezigheid moet zijn voordat je een spookraadslid bent. Een jaar , een half jaar,  drie  maanden? 

Het woord ‘spook’  doet iets geheimzinnigs, iets dreigends, iets angstwekkends veronderstellen. Wat is het dreigende aan een niet aanwezig raadslid. Dreigend dat de democratie tot stilstand komt. Dreigend dat je een raadsvergoeding krijgt ook als je niet in de vergadering verschijnt?

Per ongeluk lijkt de term eerder op iets anders te duiden. Want is een raadslid langdurig niet aanwezig bij vergaderingen dan is vaak geheimzinnig wat de redenen zijn om niet te verschijnen. Neem je de moeite daar achter te komen dan ontdek je meestal veel menselijk leed. Ruzie in fracties, het uittreden uit een fractie en meestal ook tal van privé en/of zakelijke problemen. En zeker ook persoonlijke financiële problemen komen voor. En leef je via het raadslidmaatschap ook nog eens in het ‘glazen huis van de democratie’, dan is de gezochte oplossing heel simpel, namelijk het ‘glazen huis ‘ mijden. Mijn beeld is dat negen van de tien keer het persoonlijke tragiek is die achter de afwezigheid schuil gaat.  Moet je dan niets doen of het maar accepteren. Neen, maar met wetgeving los je het niet op.

Het is eigenlijk een spookbeeld dat het een groot democratisch probleem is. En met iets meer hanteren van de menselijke maat in de vorm van aanspreken, opzoeken en hulp (laten) geven bij persoonlijk malheur, help je dat enkele raadslid te voorkomen dat  hij verwordt tot  ‘spook’..

In die gevallen dus genoeg te doen voor raadsleden, burgemeester en griffier.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *