Ander type raadsleden gevraagd!

Op het VNG congres in Zwolle stipte minister Plasterk van Binnenlandse Zaken, opnieuw aan dat hij een ander type raadslid verwacht. Populair gezegd komt het er op neer dat hij de verschuiving van de aandacht van de raad verwacht van de harde kant (ro en milieu en verkeer en vervoer) naar de zachte kant , de mens (de effecten van de decentralisaties). En daar moeten de raadsleden bij passen. Dus zo is zijn conclusie dat zijn ‘andere’ raadsleden. 3-3

Weer eens wat nieuws na het raadslid als debater, als volksvertegenwoordiger, als politicus, als bestuurder, als controleur als etc.. Het voelt  meer als  een gelegenheidsargument. Het leidt in ieder geval af van de werkelijke vraag wat is de toekomst van de gemeenteraad en welk raadslid werkt aan het gelegitimeerd functioneren van een raad. Het staat ook in contrast met wat  aan de andere kant  politieke partijen al niet proberen met het formuleren van een veelvoud aan criteria waaraan potentiële raadsleden moeten voldoen.

Zo maar een paar, de opleiding die je hebt genoten, je maatschappelijke achtergrond, spreekvaardigheid, partijtrouw, etc. En nu moet en plein public duidelijk worden dat de goede kandidaat echt verstand/gevoel heeft bij de mens. Het lijkt er bijna op dat we de afgelopen jaren de ruimtelijke ordenings- raadsleden hebben gekend. Meer de technocraten, blijkbaar. Want een verkeerd gebouwd schuurtje vraagt van een raadslid blijkbaar een  minder/ander  inlevingsvermogen dan straks na de decentralisaties bij het eerste voorval in een gemeente waarbij een kind iets overkomt door verkeerd gemeentelijk handelen.  Niemand zal ontkennen dat in het laatste geval  de impact groot is. Het doet geen recht om de huidige generaties raadsleden die capaciteit niet toe te rekenen. Veel lastiger is voor raadsleden dat op moeilijke momenten in een lokale samenleving ze wel worden aangesproken op misstanden, maar dat ze nauwelijks mogelijkheden hebben daar invloed op uit te oefenen. Zo lijkt het risico ook groot dat na de decentralisaties de gemeenteraden die ellende wel te verwerken krijgen, terwijl er nauwelijks voor hen invloed blijkt te zijn. Die weeffouten vragen andere capaciteiten van raadsleden. Dat op die gronden het vermogen tot verantwoorden en eenvoudige maar duidelijk kunnen uitleggen een belangrijke capaciteit zal blijken te zijn laat zich raden. Misschien zit daar wel meer ‘het andere’ in voor raadsleden.

Voor het overige zullen we de uitspraak van de minister maar scharen onder de noemer afleiding. De echte discussies over indeling overheid, de rol van de gekozenen, de rol van politieke partijen etc. blijven daarmee buiten beeld.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *